

![]() |
||
|
Bio-kantine in Papendorp Het project bouwt voort op een bestaand initiatief van de volkstuinders om zelf verbouwde groenten als lunch aan de werknemers van Papendorp aan te bieden. Dit brengt verschillende gebruikersgroepen bij elkaar en overbrugd de sociologische fragmentatie in de A12 zone. Het doorbreekt de monofunctionaliteit van het kantorenpark vormt een schakel tussen recreatie en bedrijvigheid. Dit proces |
![]() |
||
|
OV Liesbosch Hier wordt onderzocht hoe het bestaande en toekomstige hoogwaardige openbaar vervoer |
![]() |
||
| ‘Hôtel industriel’ A12
Het project richt zich op kleine creatieve ondernemingen die in de A12 zone kantoor aan huis houden in met name de woonwijken Lunetten en Kanaleneiland. Een deel van deze groep zal zich ontwikkelen tot ‘bovenwijkse groeiers’ die na verloop van tijd in een echt bedrijfspand terecht zullen komen. Het project voor een hôtel industriel périphérique |
|
|
|||||||||||
De A12 zone is voor een belangrijk deel een stadsbedrijventerrein en is als zodanig onmisbaar voor de Utrechtse samenleving. De bedrijvigheid in dit gebied is ge‘volueerd onder invloed van verdienstelijking van de economie, schaalvergroting in het bedrijfsleven en een toename van het ondernemerschap. Toekomstige transformatie van de A12 zone tot een woongebied leidt niet alleen tot een verlies aan werkgelegenheid, maar is ook een onverantwoorde desinvestering in een gebied met tot nu toe groeiende bedrijvigheid.
Het zou bovendien een aantasting betekenen van de Utrechtse economie en, bij verdere
verschuiving van de verdwenen bedrijvigheid naar het buitengebied, ook van het open Utrechtse landschap.

De A12 bij Utrecht is voor Nederland een heel centrale as, maar voor het gebied een grote barrière. Het gebied is een mozaïek van perifere functies, zonder dat er sprake is van een eenheid. Hoewel sommigen het gebied wel als eenheid zien en het zelfs als ‘Utrechtse Zuidas’ aanduiden, moet worden opgepast met het ‘reïficeren’ van zo’n beeld. Wanneer het gebied te veel vanuit één bepaalde visie wordt bekeken, worden waardevolle kwaliteiten, die er in ruimere samenhangen bestaan, over het hoofd gezien.
De A12 zone lijkt niet de potentie te hebben om uit te groeien tot een nieuw centrumin de regio. Herstructurering door de infrastructuur onder de grond te brengen is duur en het lijkt onmogelijk om daar kostendragers voor te vinden. Veel meer liggen kansen voor de transformatie van het gebied in verbetering van de huidige verblijfskwaliteit, zoals verbetering van de sociale veiligheid en het verbinden van de diverse deelgebieden met elkaar én soms ook met bestaande gebieden buiten de stad. Opgave is het ‘sublimeren’ van het bestaande mozaïek en verbeteren van de kwaliteit van de afzonderlijke ‘pockets’.

De A12 zone lijkt op het eerste gezicht een wirwar en rommelig. Uit de interviews blijkt echter dat het gebied een logica verbergt die voortkomt uit het gebruik van de ruimte door de bewoners, werkenden en passanten. Toch is het gebruik van de zone zeker ook gefragmenteerd. Werken, er doorheen rijden, wonen of roeien functioneren in een onstabiele balans. Er is sprake van een moza•ekgebied, bewoond door verschillende populaties en gebruikt op verschillende wijzen. Dit moza•ekgebied lijkt ook onder druk te staan van ‘disjunctieve krachten’, zoals snelwegen, verkeer en bedrijventerreinen, met potenti‘le spanningen als gevolg.
Vanuit sociologisch oogpunt is het daarom belangrijk nieuwe solidariteiten in het gebied te vinden en bij te dragen aan de ontwikkeling van banden tussen de verschillende gebruiken. Als voorbeeld voor synergie tussen gebruiken kan de relatie tussen de volkstuinen en bedrijven van Papendorp dienen, waar tuinders en werknemers van de bedrijven elkaar kunnen treffen in een ‘biokantine’ van het volkstuinencomplex. Dat vereist echter een confronterende discussie een steekspel van argumenten waarin de bewoners met elkaar concurreren om vast te kunnen stellen wat er van belang is voor de ontwikkeling van de deelgebieden.
De grootschalige infrastructuren in de A12 zone hebben eerst tot een fragmentatie van het landschap geleid om vervolgens deze landschappelijke fragmenten te bewaren voor verdere aantasting. Deze paradoxale relatie is kenmerkend voor de landschappelijke status-quo van de A12 zone en is een belangrijk uitgangspunt voor toekomstige ontwikkelingen.
Landschap vormt een belangrijk referentiekader voor nieuwe ontwikkelingen in infrastructurele ruimtes, en bijzonder in de A12 zone. Het landschap manifesteert zichop twee manieren. Ten eerste in het effect van landschappelijke gegevens (ondergrond, cultuurlandschap, stedelijk landschap) op de ontwikkeling van het gebied. Vervolgens in de manier waarop het resulterende mozaIek van landschappelijke structuren, elementen en sferen ontwikkeling in het gebied bepaalt. Het doorgronden van en interveni‘ren in landschappelijke condities kan het wordingsproces van de A12 zone aldus ingrijpend doen veranderen.
Daarnaast speelt infrastructuur een belangrijke rol in het ervaren en ordenen van ruimte. In het verlengde van elke afslag ontvouwen zich nieuwe combinaties van ruimtes, objecten en beeld. Deze sequenties vormen een kinetische compositie die de beleving van de netwerkstedeling lijkt te vereenzelvigen. Elke sequentie heeft zijn eigen (theoretische) planfiguur, ruimtevorm, programma en beeldtaal. Het doorgronden en componeren van elk afzonderlijk diagram kan een belangrijk sturingsinstrument voor het gebied worden.

De A12 zone is een ongedefinieerde ruimte tussen kanaal en snelweg, tussen stad en buitenrand. Het kan in en met de A12 zone nog alle kanten op. De A12 zone is in ‘Limbo’*. Het is een permeabel gebied: vol met tijdelijke doelen die makkelijk bereikbaar zijn en doorkruist met interlokale en internationale verbindingen. Maar bewegend over deze verbindingen kan men door het gebied schieten bijna zonder het op te merken. De A12 zone is op dit moment een ‘non-place to be’. Het gebied is in beweging, ieder punt in het gebied is bestemming en vertrekpunt tegelijk. Er is weinig gelegenheid voor verblijf, maar overdag! zijn overal mensen binnen en buiten (blik) zichtbaar.
De observatie Beleving volgt de stroom zoals die zich ‘natuurlijk’ voordoet in het gebied voor verschillende manieren van bewegen. Stedenbouw kan worden opgevat als zoeken naar waar de stroom wordt mogelijk gemaakt, waar hij wordt geblokkeerd en hoe. Echter als de druk hoog genoeg is dan vindt de stroom een nieuwe bedding. De gebruikers en bewoners van de A12 zone cre‘ren hun eigen oplossingen. Juist in een gebied in ‘Limbo’ zoals de A12 zone ligt er een kans om deze oplossingen van binnenuit te volgen, af te leiden of om te buigen.

TENTOONSTELLING
Een aansprekende presentatie van de onderzoeksresultaten onthult de verschillende plekken en structuren van de A12 zone. Het gebied wordt bekeken door de bril van een kunstenaar, planoloog, landschapsarchitect, economisch geograaf en socioloog. Een brede verkenning van stichting A12NU en stellingen van Oedzge Atzema (economisch geograaf) en Mathieu Berger (socioloog), Willem Salet (planoloog), Rene van der Velde (landschapsarchitect), Jeroen van Westen (kunstenaar) vormen de inhoudelijke voeding van de presentatie. In een filmisch portret van Olga Russel komen de bewoners en gebruikers van het gebied aan het woord.
In de tentoonstelling staat de snelwegzone letterlijk centraal: rondom een maquette van het gebied is een waar ‘house of parliament’ gebouwd. Op de maquette worden historische kaarten, bestaande plannen en toekomstige potenties geprojecteerd zodat het meerstemmige karakter van het gebied zichtbaar wordt. In deze intense ruimte wordt op één avond gedebatteerd over de toekomst van de A12 zone. Houd u onze website in de gaten voor meer informatie.
Tegelijkertijd met de presentatie verschijnt een cahier dat de resultaten van het onderzoek naar de A12 zone samenvat. Deze publicatie vormt het ‘werkmateriaal’ om het debat over het gebied verder te voeden.
Datum: van 14 januari tot en met 14 februari 2009
Locatie tentoonstelling: Architectuurcentrum Aorta, Achter de Dom 14, 3512 JP Utrecht.
Openingstijden: woensdag t/m vrijdag 12.00-17.00 uur en zaterdag van 13.00-17.00 uur.


in, maar tegelijkertijd een over ijf fases:
FLAPTEKST
Snelweggebieden zijn ‘hot’. Gelegen aan de rand van de stad, uitstekend bereikbaar en zichtbaar zijn het goede vestigingslocaties voor bedrijven. Door het publiek gretig gebruikt, ontstaat er een hedendaagse vorm van stedelijkheid. Ikea en McDonalds weten al lang van de potentie van deze gebieden. Tegelijkertijd worden ze steeds vaker in verband gebracht met ‘verrommeling’, dichtslibben van het landschap en een gebrek aan samenhang tussen de bebouwing.
De zone langs de A12 bij Utrecht is zo’n gebied bij uitstek. Gelegen tussen knooppunt Oudenrijn en knooppunt Lunetten is het één van de best bereikbare plekken in Nederland en daarbij ook zeer centraal gelegen in de regio. Ingeklemd tussen Nieuwegein, Houten en Utrecht en doorsneden door een stelsel van hoofd- en parallelrijbanen heeft de A12 zone een lange periode van bestuurlijke vergetelheid gekend. Desondanks, of juist hierdoor, kent het gebied een grote diversiteit en een eigen dynamiek.
De Stichting A12NU is een initiatief van Stefan Bendiks, Aglaee Degros (Artgineering) en Henri van der Vegt (Metroplex) om de A12 zone bij Utrecht en vergelijkbare gebieden elders in Nederland op een vernieuwende manier onder de aandacht brengen en alternatieven te stimuleren voor de wijze waarop hiermee kan worden omgegaan. De ambities en mogelijkheden van de A12 zone worden hierbij niet van bovenaf maar van binnenuit gedefinieerd. Door uit te gaan van wat er al is wordt onderzocht in hoeverre het gebied kan worden verbeterd door middel van de aanwezige kwaliteiten, zoals infrastructuur, economische activiteiten en lokale spelers.
Het voorliggende cahier vat de resultaten van het onderzoek naar de A12 zone samen. Het gebied wordt bekeken door de bril van een kunstenaar, een planoloog, een landschapsarchitect, een economisch geograaf en een socioloog. Historische kaarten, analyses en portretten van bewoners en gebruikers brengen het gebied breed in beeld. Het cahier is onderdeel van een tentoonstelling en van een debat over deze thematiek. Deze publicatie vormt het ‘werkmateriaal’ om dit debat te voeren en is een opmaat naar een andere aanpak van verstedelijkte snelweggebieden.
|
WORKSHOPS A12NU is, naar aanleiding van het uitgevoerde onderzoek, gevraagd door BRU om als vierde ontwerpatelier mee te werken aan de ‘Verkenning A De eerste drie locaties en onderwerpen voor deze workshops zijn: |
||



|
EVALUATIE De stichting A12NU werkt toe naar een wetenschappelijke publicatie over (de omgang met) verstedelijkte snelweggebieden en de ruimtelijke, historische en methodologische kader ervan. De A12NU studie wordt hierbij als operatief onderzoek gebruikt en vergeleken met andere gebieden. |
||
|
BENADERINGSWIJZE De voorgestelde aanpak om ‘uit te gaan van wat er al is’ vraagt in eerste instantie om een zeer nauwkeurige, vooral onbevooroordeelde en inventieve fase van verkenning. Deze Lectuur van het gebied behandelt haar ontwikkelingsgeschiedenis, het functioneren van haar infrastructuur en de verschillende factoren die samen het gebied vormen. Het gaat eerder om een verzameling van informatie op basis waarvan een eerste snelle lezing mogelijk is, dan om een analyse in de strikte zin van het woord. De observaties worden uitgevoerd door deskundigen die de zone niet beschouwen als een tabula rasa, maar als een volwaardig, bestaand gebied. Ieder van hen levert een zo gedetailleerd mogelijke blik op de zone, gebaseerd op de geïnventariseerde gegevens, in de vorm van een essay. Deze essays betreffen de fysieke en niet-fysieke dimensies, zoals planologie, landschap, economie, sociologie en beleving. De observatie van de zone is dus multidisciplinair. Op basis van de specifieke observaties zijn, in samenwerking met de deskundigen, stellingen geformuleerd. Het doel van deze benaderingswijze is niet het opstellen van een masterplan, maar het ontwikkelen van een instrument dat flexibeler is. Als het masterplan een strategisch instrument is, dan is de voorgestelde benadering veeleer tactisch van aard. Het gaat hierbij om het uitwerken van gerichte acties of ‘listen’. Er wordt hier aan acupunctuur gerefereerd omdat de specifieke acties in eerste instantie gericht zijn op ‘punctuele’ ingrepen in het gebied op de goede plek en op het goede moment ingezet. Deze tactieken of listen zullen voortkomen uit een reeks workshops over plekken, gebieden en structuren welke aangewezen worden in een moment van ‘dialoog’. Dit debat is een publiek toegankelijke bijeenkomst, een vorm van participerende democratie. |
![]() |
||
|
LECTUUR Een uitgangspunt van A12NU is de A12 zone niet als infrastructurele restruimte of zelfs als potentieel leeg te beschouwen, maar meer als een stuk stad in wording. In het verlengde hiervan wordt de bestaande situatie rond de A12 dan ook als fait accompli aanvaard en als basis voor toekomstige ontwikkelingen serieus genomen. De eerste stap in het onderzoek is dan ook een nauwkeurige lezing van de status-quo van de A12 zone. Deze ‘lectuur’ van het gebied vormt een integrale kijk op het gebied over territoriale, disciplinaire en administratieve grenzen heen. Hierbij zijn zowel de problemen en belemmeringen als ook het potentieel van het gebied letterlijk in kaart gebracht. Dit gebeurde voor een groot gedeelte voordat ruimtelijke, economische of politieke agenda’s op het gebied gelegd zijn1, in de luwte van de aandacht die tot voor kort vooral uitging naar de ontwikkelingen in Leidsche Rijn, de overkapping van de A2 en de plannen voor Rijnenburg. Het gebied is dus onbevooroordeeld en uitgebreid verkend zonder sturende invloed van een al vastgesteld programma of opgave. Deze onafhankelijke en consci‘ntieuze lectuur van het ‘materiaal’ van het gebied biedt de mogelijkheid om zowel de eigen potenties als de beperkingen van de bestaande situatie te exploreren. Van deze brede lectuur van het gebied zijn in dit cahier drie hoofdlijnen opgenomen: een een en een Voorafgaand hieraan is een uitgebreide inventarisatie van bestaande kaarten over het gebied gemaakt. Dit houdt basisdocumentatie in zoals wegenkaarten, topografische kaarten, luchtfoto’s, stadsplattegronden, maar ook administratieve kaarten over grondeigendom, toekomstige plannen en visies op verschillend schaalniveau. Deze documenten zijn in het register aan het einde van dit cahier opgenomen. Hierbij valt op dat er bijna geen administratieve documenten bestaan die de A12 zone op haar eigen schaal als een geheel representeren. Ruimtelijke, bestuurlijke en sectorale grenzen blijken ook ‘cartografisch’ sterk fragmenterend te werken. De lectuur van de A12 zone raakt daarmee niet alleen het fysiek aanwezige, maar ook de verschillende hoedanigheden, belangen en krachten binnen het gebied. |
|

|
OBSERVATIES Een complex en veelgelaagd gebied als de A12 zone vraagt na de eerste brede verkenning om een grondiger en specialistisch onderzoek. De verzamelde kennis, waarvan in het vorige hoofstuk Lectuur een selectie is weergegeven, dient als basis voor de observaties. Stichting A12NU heeft deskundigen uit verschillende disciplines gevraagd om hun expertise toe te passen op de A12 zone. Uit praktische overwegingen is gekozen voor observaties vanuit vijf disciplines die de belangrijkste aspecten van de zone dekken. Deze disciplines en de respectievelijke deskundigen zijn: landschap, RenŽ van der Velde; planologie, Willem Salet en Leonie Janssen-Jansen; economie, Oedzge Atzema en Peter Kemp; sociologie, Mathieu Berger en Olga Russel; beleving, Jeroen van Westen en Julian Scaff. Het hoofdstuk observaties bestaat uit twee delen: essays en stellingen. De essays zijn diverse en autonome bijdragen van de deskundigen per discipline, waarvan de eerste in beeld. De auteurs observeren en analyseren vanuit hun eigen deskundigheid de A12 zone waarna zij de achterliggende processen, de structuren of de ontstaansgeschiedenis inzichtelijk maken. Daarnaast geeft iedere auteur op eigen wijze een suggestie over de toekomstige ontwikkeling van het gebied. In het tweede deel worden de belangrijkste aspecten uit de essays kort samengevat in stellingen. De stellingen zijn geen bewezen hypotheses, maar positiebepalingen van deskundigen, die in een overkoepelende discussie voor de nodige diepgang kunnen zorgen. De stellingen zijn vertaald in kaartbeelden op een onderling vergelijkbare schaal en uitsnede. Het verwerken van de observaties tot stellingen en kaartbeelden is een poging om de vergaarde kennis en posities toegankelijk en bruikbaar te maken voor het vervolgtraject: het aangaan van de dialoog over de A12 zone. De stellingen en kaarten vormen het werkmateriaal en het gereedschap voor een debat over het gebied met belanghebbenden en betrokkenen. Als voeding voor dit debat dragen de stellingen en kaarten uiteindelijk bij aan het defini‘ren van strategische en tactische interventies in het gebied.
|
![]() |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
DIALOOG
De verkennende lectuur van de A12 zone en de specifieke observaties in dit cahier zijn geen doel op zich. Het is de basis en de opmaat naar een verdergaande dialoog die voort zal Met dit cahier en de gerelateerde tentoonstelling in het architectuurcentrum Aorta wil Stichting A12NU de mentale en fysieke ruimte voor deze dialoog cre‘ren. De tentoonstellingsruimte waar de resultaten van het A12NU onderzoek gepresenteerd worden, wordt daarom letterlijk getransformeerd naar een ‘house of parliament’, vergelijkbaar met bijvoorbeeld het Lagerhuis in Engeland. Er ontstaat een intense ruimte waar publieke en private partijen direct en onbevangen in debat kunnen gaan over de toekomst van de A12 zone. De stellingen van de deskundigen zijn vertaald naar kaartbeelden en kunnen op deze manier aan elkaar gespiegeld worden. Uit deze superpositie van stellingen, het concentraat van de specifieke observaties, ontstaat in een begeleide dialoog een agenda voor het gebied. Het beoogde karakter van het debat is dan ook eerder opini‘rend, dan confronterend. De agenda voor het gebied |
![]() |
||
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||